Als de sector beweegt, doet het onderwijs dat ook

AP Hogeschool

In INFUUS 20 verscheen het dossier ‘Verpleegkunde, het beroep van de toekomst’. We zoomden in op de hervormingen die op til staan, en keken naar de praktijk: in veel zorgorganisaties nemen verpleegkundigen immers steeds vaker andere taken op zich. Uiteindelijk klopten we ook aan bij het onderwijs. Want als de job verandert, moeten de opleidingen volgen.

“Het onderwijs en de werkvloer kunnen een mooie kruisbestuiving creëren”, vinden Sofie Vermeiren, lector en onderzoeker verpleegkunde en toegepaste gerontologie, en Valérie Vanceulebroeck, lector verpleegkunde, van AP Hogeschool. Nu er nieuwe profielen moeten opgeleid worden en verantwoordelijkheden verschuiven, is het voor de opleidingen zaak om die richtlijnen op papier in de onderwijspraktijk om te zetten, vervolgt Valérie. “Taken kunnen verder afgebakend worden, verantwoordelijkheden veranderen en basisverpleegkundigen worden geïntroduceerd: dat is voor ons een bos met veel bomen. We proberen nu inzicht te krijgen in hoe deze nieuwe regelgeving er in de praktijk uitziet en vertalen dat in concreet onderwijs.” 

Leren van studenten 

Ook wat inhoudelijke evoluties betreft, doen de lectoren er alles aan om op de hoogte te blijven, zegt Sofie. “Vanuit de onderzoekstak gaan we steeds op zoek naar innovatieve inzichten uit wetenschappelijke artikels of tijdschriften, maar we doen ook zelf praktijkgericht onderzoek in samenwerking met de sector.”  

Al is het niet evident om de twee sectoren te combineren, weet Valérie. “Hoe langer ik in het onderwijs sta, hoe meer ik het een uitdaging vind om mee te blijven met de evoluties op de werkvloer. Ik ben aangesloten bij beroepsorganisaties, maar haal ook veel uit stagebegeleiding. Als wij gesprekken hebben met stagementoren stellen we zelf heel veel vragen om te weten wat er beweegt. Ook de verslagen van studenten zijn een bron van informatie, net als de mentorendagen die we organiseren. Er zijn ook collega’s die in de vakanties nog meedraaien op de zorgwerkvloer.”  

De nieuwe competenties  

“Overal klinkt een roep naar ondernemerschap, naar dingen in vraag stellen, naar meer initiatief, en dat zie je ook in de opleiding”, zegt Valérie. “We brengen voor onszelf eerst in kaart wat de noden zijn en vertalen dat naar het onderwijs. Zo komen er vanuit Europese regelgeving in het vierde jaar ook competenties als ondernemerschap en leiderschap aan bod. Complexe materie, maar we willen het wel heel concreet meegeven.”  

Dat was al het geval in masteropleidingen, vult Sofie aan, maar het komt nu ook in de bachelorjaren uitgebreid aan bod. “Het kritisch denken, het in vraag stellen waarom je iets doet, dat wordt vanaf het eerste jaar meegegeven en is een belangrijke competentie geworden.” Maar op de werkvloer is die kanteling nog niet altijd gemaakt, weet Valérie. “Soms weten mentoren tijdens stage-evaluaties ook niet precies wat we bedoelen met die nieuwe competenties, maar dan maken we het concreet met voorbeelden. Zo leren ook zij bij.”  

De wisselwerking 

Want het is geen eenrichtingsverkeer, benadrukt het duo. Ook vanuit het onderwijs kunnen bepaalde evoluties doorstromen naar de werkvloer. Valérie: “We investeren enorm in het welbevinden van studenten: ze leren omgaan met hindernissen en worden veerkrachtiger. Zo creëer je een generatie beroepsbeoefenaars die zich bewust is van waar ze staat en wat ze nodig heeft. Dat geven ze door aan patiënten en collega’s, zo creëer je een olievlekeffect.” 

Die veerkracht kan helpen de uitstroom van jonge verpleegkundigen te verkleinen. Maar er is meer nodig. “Je moet gevoed worden. Vanuit je collega’s, de zorgvrager en diens omgeving, en vanuit de werkgever. Er is veel inzet, maar weinig return. Sommige studenten voelen zich zelfs al schuldig als ze even gaan zitten. Ze moeten die waardering krijgen, en dat moet van verschillende fronten komen.”  

Bovendien moet de beeldvorming anders, besluit Sofie. ”Het brede publiek zou beter moeten weten wat een verpleegkundige doet, want er heerst nog te vaak een stereotiep beeld. Vergelijk het maar eens met de artsenstatus in de maatschappij: zij krijgen vaak veel meer respect, terwijl ze onderdeel zijn van hetzelfde team, met hetzelfde doel en dezelfde waarden. Dat is jammer.”  

Dit artikel verscheen in INFUUS 20.

LEES MEER OP INFUUS.BE

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

REACTIES