“We moeten het beroep durven heruitvinden”

Simon Malfait

Meer delegeren, meer verantwoordelijkheden, meer duidelijkheid in de zorgladder: minister Frank Vandenbroucke wil de verpleegkundige sector hervormen om te zorgen voor meer ademruimte. Hoe waterdicht is dat plan en hoe ziet de toekomst van het beroep eruit? We vroegen het aan Simon Malfait, zorgmanager in UZ Gent, professor aan Universiteit Gent, en bestuurslid van Netwerk Verpleegkunde. 

“Ik trap een open deur in, maar we zitten al dertig jaar in een chronische crisis in de zorg, en het tekort blijft schijnbaar opstapelen”, steekt Simon Malfait van wal. “Tijdens de coronacrisis hebben we gemerkt dat het systeem wel erg wankel is, en daarna zagen we allerhande ingrepen om het systeem, zoals het nu is, te redden. Maar ik denk niet dat dat mogelijk is.”  

Federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Frank Vandenbroucke, legde eerder een plan op tafel om het beroep van de verpleegkundige te hervormen. Hij wil meer mogelijkheden creëren om de verantwoordelijkheden te verdelen én een duidelijkere definiëring van de zorgladder. Dat moet de sector meer ademruimte geven. Maar het plan is geen definitieve oplossing, benadruk Simon, die zelf input leverde voor het voorstel. 

Meer zeggenschap graag! 

“We moeten ons beroep durven heruitvinden”, vindt Simon. “Maar deze hervorming is een tijdelijke oplossing waarmee we opnieuw vijf tot tien jaar verder kunnen. Daarna zullen dezelfde problemen de kop op duiken.” Dat is te danken aan de vergrijzing en verzilvering van de bevolking, die ook voelbaar is in de sector. Een derde van alle verpleegkundigen zal binnen dit en tien jaar het beroep verlaten, en wat dan?  

“Om te beginnen kunnen we niet eindeloos blijven toegeven aan de vraag om meer handen, hoofden en financiering. Dus moeten we verpleegkundigen meer bewust maken van de rol die zij spelen in het systeem. In de eerste plaats moeten we meer zeggenschap krijgen. Posities als een Chief Nursing Officer, die input hebben op beleidsniveau, zijn daar een goed voorbeeld van.” 

Een tweede stap ziet Simon Malfait in het tonen van meer ‘eigenaarschap’ van verpleegkundigen. “Zo moeten verpleegkundigen van begin af aan betrokken worden bij het ontwikkelen van nieuwe technologie. Deze evoluties kunnen immers een redding zijn, maar vandaag worden ze nog te vaak ontworpen zonder mensen uit de praktijk erbij, waardoor ze vaak gezien worden als een extra werk of last voor verpleegkundigen.” 

“Een derde uitdaging is vertrouwen. Er gaat vandaag te veel tijd verloren aan controlesystemen en systemen om die systemen te controleren.” Er is nieuwe technologie, maar we lopen achter omdat we de touwtjes niet uit handen willen geven, zegt hij. “Om een voorbeeld te geven: hoofdverpleegkundigen spenderen het grootste deel van hun tijd aan uurroosters, terwijl een goed systeem op basis van artificiële intelligentie dat eigenlijk ook kan. Zal dat perfect zijn? Nee, maar het kan wel tijd besparen.” 

De hervormingen zoals ze nu zijn 

Door verpleegkundigen de mogelijkheid te geven om bepaalde taken te delegeren, ontstaan er mogelijkheden om de zorg te gaan herorganiseren. “Deze hervorming is niet dé oplossing, maar we kopen er tijd mee om terug te gaan naar de kern van wat we doen, en dat zodanig te gaan vormen zodat we de toekomst aankunnen.”  

Onderdeel van de hervormingen is ook het herdefiniëren van de verschillende treden op de zorgladder en de bijbehorende bevoegdheden. “Het liefst had ik de lijsten met verpleegkundige handelingen helemaal afgeschaft, die bemoeilijken de samenwerking tussen mensen. Maar dan is er weer de bezorgdheid dat er misbruik zal zijn.” Het is ook vanuit dat gebrek aan vertrouwen dat er protest komt uit sommige hoeken, legt hij uit. “Men vindt het een uitholling van het beroep als iedereen zomaar handelingen mag gaan uitvoeren, maar we worden toch niet gedefinieerd door een lijst van handelingen? Het is net het samenbrengen ervan, het klinisch redeneren, dat ons als verpleegkundigen uniek maakt. Handelingen stellen kan iedereen als je het hen uitlegt, maar de binding in het systeem, die wordt verzorgd door verpleegkundigen.”  

Kort op de bal spelen 

“Soms ben ik bang dat we onpersoonlijke zorg aan het creëren zijn. Nog steeds met een warm hart, maar de uitvoering komt vaak neer op het aflopen van lijstjes. Dat is niet de schuld van het systeem, en ook niet die van het onderwijs, maar het heeft er wel mee te maken dat de twee sectoren elkaar niet vinden. Ik denk dat het beter zou zijn om de scholen en de zorgorganisaties terug dichter bij elkaar te brengen. Mensen uit het onderwijs moeten meer tijd doorbrengen in de zorg en omgekeerd. De professionalisering van de verpleegkunde verloopt immers zo snel dat we kort op de bal moeten spelen met beide partners.”  

Want het is vanuit het onderwijs dat die nieuwe generatie zorgprofessionals komt, en die zullen het toch moeten waarmaken, stelt Simon. “We moeten studenten echt klaarmaken voor de toekomst, ze op lange termijn leren denken en leren uitkomen voor een andere mening, maar ook de mening van iemand anders durven aanvaarden. Het zullen creatieve denkers moeten zijn.”  

Afwijken van de standaard 

Want de verpleegkundigen van morgen kunnen wel wat creatieve rebellie gebruiken, stelt Simon. “10 tot 30 procent van waar verpleegkundigen dagelijks mee bezig zijn, is onnuttig, inefficiënt of ongewild. Is het nodig om elke patiënt elke ochtend een bedbad te geven? Hebben we hen dat gevraagd? We vallen enorm terug op tradities, rituelen en wat we aangeleerd hebben zonder dingen in vraag te stellen.” Na het in vraag stellen, volgt dan vanzelfsprekend ook oplossingsgericht denken, vervolgt hij. “Je kan wel zeggen dat iets niet goed gaat, maar we moeten mensen ook trainen om een alternatief te vinden.”  

“Ik zie een paar heel mooie leiderfiguren opstaan in Vlaanderen. Als beroepgroep moeten we nu echt de klik maken: we gaan dat sociaal experiment aan, we gaan het anders doen. Dat betekent niet dat je de geschiedenis moet loslaten, maar dat je collectief moet erkennen dat je voor andere uitdagingen staat en die switch moet maken.”  

Weg met die heldenstatus 

Samen met de verouderde gewoontes mag ook de heldenstatus van de job op de schop, besluit Simon. “Batman is een held, maar die stuurt geen factuur op het einde van de dag, terwijl wij toch liefst wel financieel gewaardeerd willen worden. Dat de zorg een zogenaamde roeping is, dat is vree wijs, maar het brengt geen brood op de plank. Door ons vak een heldendaad te noemen, creëren we een open doel voor wie beweert dat alles wat we willen aanklagen nu eenmaal ‘bij de job hoort’.” 

LEES MEER OP INFUUS:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

REACTIES