“Ontslagpapieren opstellen? Dat is niet waarvoor wij opgeleid zijn”

Katrijn Vancauwenberghe

In INFUUS 20 verscheen het dossier ‘Verpleegkunde, het beroep van de toekomst’. We zoomden in op de hervormingen die op til staan, en keken naar de praktijk. In veel zorgorganisaties nemen verpleegkundigen immers steeds vaker andere taken op zich. Maar hoe kijkt de nieuwe generatie verpleegkundigen naar de toekomst en zijn uitdagingen? We vroegen het aan twee studenten aan de HoGent. Eén ding is duidelijk: kritisch zijn ze zeker. 

Wouter Monsaert, vierdejaarsstudent verpleegkunde 

“Toen ik begon met mijn studies had ik een verouderd beeld van de job. Het takenpakket van de moderne verpleegkundige is veel ruimer dan pakweg twintig jaar geleden. Je krijgt veel meer verantwoordelijkheden, je leert meer technieken. Door het extra jaar studeren dat erbij is gekomen, wordt er ook meer aan je toevertrouwd. Er wordt verwacht dat je zelf mee nadenkt, en voor mij is dat alleen maar een positieve evolutie. Ik ben geen robot, ik hou wel van wat uitdaging. 

Het klopt dat er veel verandert door technologie, in een operatiekwartier bijvoorbeeld gebeurt de monitoring allemaal automatisch, en als het gaat om robotchirurgie moet je als verpleegkundige vooral nog nieuwe tools op de arm zetten of bedienen. Maar ik denk niet dat technologie ervoor zal zorgen dat de zorg minder menselijk wordt. Je krijgt net vaker de mogelijkheid om een babbeltje te doen, om extra signalen op te merken. Wat me soms wel irriteert, is het papierwerk dat je als verpleegkundige moet doen. Het opstellen van ontslagpapieren bijvoorbeeld, moet dat door ons gebeuren? Dat is niet waarvoor we opgeleid zijn. 

Er is ook al meer respect voor de job dan vroeger, al vind ik dat nog steeds te weinig. De agressie en het onbegrip maken het vak minder aantrekkelijk. Ook een betere vergoeding zou helpen om meer jongeren aan te trekken. Want dat we doorheen de tijd meer verantwoordelijkheden krijgen en technieken kunnen uitvoeren, is niet slecht, maar dan hoop ik wel dat het loon mee evolueert. We worden er alleen maar slimmer op, en met een nieuwe generatie komt ook een nieuwe kijk. Als je kijkt naar wat een verpleegkundige presteert qua nachten, weekends en feestdagen, en dat vergelijkt met de job en loon van leeftijdsgenoten met een nine to five job: dat is raar.” 

Katrijn Van Cauwenberghe, derdejaarsstudent verpleegkunde 

“Ik ben op dit moment op stage in Ierland en hier krijg je zelfs als student al erg veel respect. Je wordt bijna op handen gedragen. Dokters bedanken je voor je hulp of komen er bij de lunch bij zitten. De voornaamste reden waarom studenten nog voor hun afstuderen afvallen, is door slechte ervaringen in een team. Ik heb zelf ook zo vaak alleen gegeten. Waarom moet dat zo? Een team kan echt zoveel doen. 

Ik begrijp ook dat het niet evident is om studenten te begeleiden als de werkdruk al zo hoog is. Je voelt overal dat verpleegkundigen op hun tandvlees zitten: nog een extra shift, nog een patiënt erbij, nog langer blijven … Je moet echt een passie hebben om tegen het loon van vandaag zo hard te willen werken, fysiek en mentaal. Wat er dan anders moet? Het patiëntenaantal bijvoorbeeld. Met minder patiënten per verpleegkundige kan je beter nadenken, ben je minder opgejaagd, en maak je dus minder fouten. 

Ik heb ook het gevoel dat het tekort in sommige sectoren groter is dan in andere. Toen ik stage liep in de GGZ, zaten we daar eigenlijk met veel, om vrij weinig te doen. Dat is zo omdat alleen verpleegkundigen medicatie mogen geven en opvoeders bijvoorbeeld niet. Moet dat zo? Of zijn er manieren om in die sector bijvoorbeeld maatschappelijk assistenten of opvoeders meer verantwoordelijkheden te geven, zodat er daar minder verpleegkundigen nodig zijn, die dan op acutere diensten ingezet kunnen worden? 

Ook de administratie zou efficiënter kunnen. Wat ik vandaag merk is dat documenteren superbelangrijk is geworden: wat je niet getypt hebt, heb je niet gedaan. Natuurlijk is het belangrijk om te rapporteren, maar dat zorgt er soms ook voor dat je tijdens een drukke shift niet kan reageren op belletjes omdat je nog typwerk moet doen. Sommige systemen zouden sneller kunnen, als we niet voor alles zo vaak zouden moeten klikken. 

Los daarvan is het natuurlijk nog steeds een mooi beroep om te mogen uitoefenen, spijt van mijn keuze heb ik dus zeker niet!” 

Dit artikel verscheen in INFUUS 20.

LEES MEER OP INFUUS.BE

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

REACTIES